Aanmelden   Contact | Sitemap 
Naar de Homepage cdenhartog.com
Liesbeth Slagter

Zilv'ren vogel

LiesbethZo onwerkelijk waar. Vanuit de volgauto staar ik naar de witte kist in de lijkwagen voor ons. En ik probeer me voor te stellen hoe je daar nu ligt. Zo alleen. Zo in het donker. Omdat we, hoe bizar, een half uurtje geleden de kistdeksel hebben vastgeschroefd…… Dan opeens zie ik voor het eerst de zilveren vogel die voor de lijkwagen vliegt… Terwijl de rouwstoet zich langzaam door het drukke stadsverkeer wurmt en we van nieuwsgierige automobilisten keurig voorrang krijgen, dwalen mijn gedachten terug… Terug ook naar het begin van deze week. Toen we elkaar voor de laatste maal levend zagen….In het gekkenhuis, zoals je de gesloten afdeling liever noemde…..

Na de koffie gaan we samen op de fiets naar het "Clubhuis". Voor een ijsje. "Ben ik niet te zwaar, pap?", vraag je, terwijl de weg iets klimt. "Valt wel mee hoor, meisje", antwoord ik. Omdat ik afgeleerd ben te zeggen dat je helemaal niet te zwaar bent, dat je zo licht als een veertje weegt…dat je eigenlijk vel over been bent. Dus slik ik voor de zoveelste keer de woorden weer in die elke vader onder andere omstandigheden tegen zijn dochter gezegd zou hebben. Inmiddels weet ik dat dat bij jou niet meer helpt, dat ik niet meer doordring, dat het een averechtse werking heeft, dat ik tegen een muur praat…het voelt als eenrichtingverkeer op een doodlopende weg….. Die gedachte laat mij die avond niet meer los. Hoe paradoxaal. Je wilde ook zo graag dood… Je wilde ook zo graag dat ik je hand vast zou houden wanneer ik je hielp te bevrijden uit dit, voor jou zo pijnlijke, leven.. Je hebt me erom gesmeekt…Maar mijn lieve meisje, ik kon het niet…ik wilde het niet….ik was slechts zo egoistisch om te zeggen dat ik daar de rest van mijn leven voor nodig zou hebben….om aan dat idee te wennen….en om te rekken natuurlijk….maar wat is tijd…?

Terwijl je van het ijsje geniet…o nee dat is niet waar…die discussie hadden we die week ervoor nog gevoerd…"..het is niet echt genieten,pap.. het is soms even minder erg…" "Maar toen we laatst die mooie zwarte jurk met kleine spiegeltjes erop gingen kopen..", wierp ik nog tegen, "toen was je toch wel even gelukkig, toch? Heel even maar? Misschien?" "Het weegt niet op tegen de pijn, pap…" Afijn terwijl je het ijsje eet, trouwens het eerste "eten" sinds een dag of twee, zie ik de pijn in je mooie ogen. Mijn God, wat is er van mijn lieve, lieve meisje geworden…. "Nee, het gaat niet zo goed met me, pap", zei je. "Het is allemaal zo dood, zo donker, zo koud van binnen, weet je pap….".

We spreken met geen woord over het feit dat je je nu ook in je hals en je gezicht hebt gesneden…Maar we weten dat we het er beiden heel erg moeilijk mee hebben, hetgeen zich uit in het trekken van je mond (dat ook kon duiden op het zoveelste nieuwe medicijn voorgeschreven door een suffe behandelaar…afijn altijd nog beter dan het langdurig isoleren op last van zo'n hopeloos falende psychiater…) en mijn gemaakte luchtige opmerkingen…. Waar zijn we toch mee bezig. Wat een onmacht!

"Ik houd van je meisje".
"Dat weet ik, pap, ik ook van jou".

Tijdens de wandeling in het prachtige bos keuvelen we, innig gearmd, over van alles en nog wat. Ook over de nieuwe caravan die we met Pinksteren willen uitproberen. "Je moet beloven dat je me dan ophaalt, hoor pap". En even later: "Trouwens mijn kistjes knellen een beetje…leuk he, die rode veters…heb toch niet zo zin om te wandelen, pap, zullen we terug gaan?".

Op de terugweg naar Beukenhof hetzelfde ritueel: "Ben ik echt niet te zwaar, pap, anders ga ik wel lopen hoor…". Voor de oprit van de afdeling blijven we nog een tijdje kletsen. Je houdt mijn handen op een bepaalde manier vast. Alsof je wilt zeggen "laat me alsjeblieft nooit meer los". "Bid maar voor me, pap, ik ben wel heel erg ziek hoor, weet je". "Ga nu maar naar huis dan heb je tenminste nog wat aan je avond…wat heb je eigenlijk aan mij, pap, ik zou zo graag willen dat je trots op me was…dat ik niet gek was…". "Ik houd van je meisje, altijd", zeg ik als we nog even knuffelen.

Liesbeth Slagter

"Zal ik echt niet even met je mee naar binnen lopen", vraag ik nog. "Nee, ga nou maar gauw naar huis, je moet nog een eind fietsen. O ja, en vergeet niet om morgen een pakje shag voor me mee te nemen. Betaal je terug…Doei, pap, kusje…houd van je…enne… vergeet niet te voor me te bidden….doei..doei pap!". En zonder nog maar een keer om te kijken, slenter je weg uit dit leven…alsof het de doodgewoonste zaak van deze wereld is…..

Na een paar honderd meter keer ik om. Ben er niet gerust op. Heb een vreemd voorgevoel. "Ze zou toch niet…". Ik fiets een rondje om Beukenhof. Gelukkig je bent binnen…

Terugfietsend moet ik huilen maar kan het nog niet. God, wat doet dit pijn. Ik zie je uit mijn leven weglopen. Met je afhangende schoudertjes in je inmiddels veel te wijd geworden broek terwijl je Arrafat-sjaal (die we gelijk met je kistjes kochten) een beetje je vele littekens camoufleert…Een paar uur later zou diezelfde sjaal, mijn sjaal, je onwaardig verstikken en voorgoed uit deze hel verlossen….

Had ik je maar tegengehouden, je tegen me aangedrukt, je aan me vastgebonden, nog een keer gezegd dat ik van je houd…of…of had ik je dan toch moeten helpen om op een waardige manier van dit leven afscheid te nemen…..? Je had immers alles tot in de puntjes geregeld.

Er zit een asbak aan mijn kant van de volgauto. De overbeleefde chauffeur doet gewillig een raampje open. "U mag hier gerust roken, hoor". Terwijl we wachten voor een stoplicht zie ik een paar jongens naar onze rouwstoet kijken. Ze wijzen onze kant op. Ze durven zelf te lachen. Hoe kunnen ze dat doen, vraag ik mij in paniek af. Ik overweeg uit te stappen maar dan springt het licht op groen…

Dan zie ik voor de tweede keer de zilveren vogel… Heb je nu echt je vleugels uitgeslagen? Zet je nu echt koers naar de zon?

Heb je gevoeld hoe we je de kerk hebben binnengereden? De dienst is helemaal aan mij voorbij gegaan. Ik heb alleen maar aan jou gedacht…hoe je daar nu zo alleen koud en in het donker moest liggen.. Heb zelfs even met de gedachte gespeeld om het deksel weer los te schroeven zodat er tenminste licht op je lieve gezichtje zou schijnen…even maar…Dat gezichtje van je dat ze in het uitvaartcentrum zo opgepoetst hebben, zodat de mensen toch vooral maar niet je littekens zouden zien..Zouden ze geprobeerd hebben om me tegen houden? Zou wel een stunt geweest zijn, toch meisje? Zie je het voor je…ik boven op de kist…temidden van de stampvolle kerk… Of zou de dienst je licht hebben gegeven?

De weg naar het graf kan ik me niet meer zo goed herinneren. Zie nog vage beelden van een hele lange stoet, een heleboel mensen en…toch ook weer die zilveren vogel. Het is ook zo'n prachtige dag. Ongewoon voor de tijd van het jaar. De plek waar je komt te rusten zou je zelf uitgekozen kunnen hebben, zo mooi, half onder zingende bomen, op een heuveltje…
 

 

Dan zijn er de laatste woorden. Het koor zingt nog een laatste lied. Het lukt me om een gedicht uit je bundel voor te lezen. En natuurlijk heb ik speciaal voor jou mijn kisten met rode veters aangetrokken.

Door mijn tranen zie ik de witte kist, vol met bloemen, in de grond zakken. Het is zo donker. Het is zo diep. Het is zo oneerlijk. Je had moeten leven meisje. Je had me nog opa moeten maken, wist je nog? Dan vliegt de zilveren vogel weg…richting de zon. Ik ben weer de enige die haar ziet. Vaarwel mijn kleine, lieve, lieve meisje. Tot ziens!

Liesbeth overleed 13 mei 1997, ze was toen 19 jaar. Ze is begraven op Rusthof te Amersfoort. Op haar graf staat de door haar geschreven tekst:

Mijn vleugels zijn gebroken
In de tevergeefse vlucht naar vrede en rust
En met spijt laat ik achter, die ik lief heb
Maar sla ik toch opnieuw mijn vleugels uit
In vrijheid, zet ik koers naar de zon.

Tenslotte
Nu, acht jaar later, zie soms de zilveren vogel. Ze is nog mooier. Nog meer glans. Ze verschijnt meestal bij positieve gebeurtenissen. Zoals laatst toen ik in de krant las dat de overheid eindelijk eens geld gaat uittrekken voor de uiterst belabberde en falende psychiatrie hier in Nederland in het algemeen en de preventie van zelfdoding in het bijzonder.

Soms zie ik haar wanneer het is gelukt om een faalangstige beschadigde puber weer een beetje zelfvertrouwen te geven. Of gewoon wanneer mensen liefdevol en respectvol met elkaar omgaan…

En vorige week zag ik haar nog , toen een jonge vrouw me mailde. Ze had je verhaal en je gedichten gelezen. Daarna besloot deze vrouw om af te zien van de voorgenomen zelfdoding. Ze bedankte me voor het redden van haar leven….Dan lopen de rillingen over mijn rug. Van blijdschap wel te verstaan. Hoe wonderbaarlijk. Zou je dood dan toch een zinvolle betekenis krijgen? Wellicht helpt het om je veel te vroege dood een plaats te geven. Dag lief meisje, ik houd van je!

Anco
Reacties zijn welkom: Anco - ancoslagter@casema.nl



Statistieken Website cdenhartog

 
 
Tekeningen van Liesbeth
Gedichten van Liesbeth

Disclaimer

@ 2007, Cdenhartog.com.